Swaajp brengt dit seizoen een nieuwe format op de planken. De makers / regisseurs Peter Theunissen en Marieke Mandemaker geven hun inzicht in hoe deze nieuwe format tot stand is gekomen. Een dubbel interview.

Waarom Moord? Mais Oui!

Peter: In mijn jeugd heb ik zowat alle boeken van Agatha Christie gelezen, de hele reeks van Hercule Poirot en Miss Marple. De boeken zijn bijzonder goed geschreven en uitermate spannend. En zoals elke goede detective weet je pas op het einde wie het echt gedaan heeft. Je wordt ook helemaal op het verkeerde been gezet. De eigenzinnige personages die op zoek gaan naar de moordenaar, dat proberen we ook met deze voorstelling.
Marieke: Ik ben stiekem fan van Truecrimepodcasts en Whodunnits dus dit was een manier om dat te vertalen naar de planken. Bovendien heb ik ontdekt dat ik plezier haal uit het sleutelen aan formats.

Vanwaar de titel?

Peter: Moord? Mais Oui! Is een gekende uitspraak van Hercule Poiroit. Hij heeft nog vele gekende uitspraken.

Wat maakt dit format fundamenteel anders dan bestaande impro formats?

Marieke: Ik weet niet of het per se fundamenteel anders is en of dat wel moet. We spelen in op een typische menselijke eigenschap te willen weten hoe de vork aan de steel zit en geven het publiek te kans mee te denken en de voorstelling vorm te geven. Goed bij goed kan toch niet slecht zijn?
Peter: We zijn echt vertrokken van de boeken van Agatha Christie, meer bepaald de Hercule Poirot reeks. En we hebben ons ook laten inspireren door de tv series en films. We nemen elementen uit de gekende Murder Mystery format in improvisatie en kleden het helemaal in. We mogen rechtengewijs niets overnemen, dus is ons hoofdpersonage Hector Perrot. (knipoog). Ook is er veel input van het publiek in de zoektocht naar de moordenaar. En het publiek is hier de assistent van Hector Perrot. Met opnieuw een knipoog is het publiek “Goestings”. (red. Hastings is assistent van Hercule Poirot)

Welke elementen uit de klassieke Hercule Poirot series wilden jullie absoluut behouden?

Peter: De heel herkenbare Belg met zijn typisch accent, het eigenzinnige en charmant arrogante. De tijdsperiode van de jaren 20 is zeer interessant op vlak van kostuums. Ook het stijve Britse cliché geeft natuurlijk veel spelmogelijkheden. We hebben ook geopteerd voor vaste namen. Dit is al één ding minder te onthouden door de spelers en geeft geen verwarring. Het Perrot personage ziet ook ongelooflijk veel kleine details, wat de voorstelling veel kleur geeft. Verschillende elementen nemen we mee, al blijft het zeer hard “gebaseerd op”.

Is de moordenaar vooraf bepaald of ontstaat dit tijdens het spel?

Marieke: We wilden het publiek graag input gunnen en dat gebeurt op die manier van bij de start.
Peter: Zowel de moordernaar als het vermoorde personage worden aan het begin van de voorstelling bepaald door een onschuldige hand zonder strafblad. Zowel de spelers, het “Hector Perrot” personage, als het publiek gaan op zoek naar de echte dader. Het blijft een volledig geimproviseerde voorstelling en het kan alle kanten uit. Op het einde van de voorstelling is het zelfs niet zeker dat Perrot samen met het publiek de moordenaar vindt. Of wel? (lacht)

Werken jullie met een vaste narratieve structuur (zoals introductie → onderzoek → climax onthulling/afwikkeling)?

Marieke: Die vaste structuur geeft ons houvast en geeft ons de kans om verder te denken terwijl we spelen. Zou kunnen we er call backs insteken, of weerkerende grapjes, …
Peter: We trainen bij Swaajp al enkele jaren op long-form. De kunst bestaat erin van in een geimproviseerde voorstelling de volledige logische narratieve structuur te steken, alsof je weken aan de voorstelling gewerkt zou hebben met vast tekst en dramatische spanningsboog. Dat lukt ons momenteel al zeer aardig. Maar het blijft altijd spannend of we echt allemaal “op dezelfde trein zitten” als groep.

Is alles echt geimproviseerd?

Peter: Ik kan je verzekeren van wel. Sommigen geloven het na de voorstellingen nog altijd niet dat we anderhalf uur spelen zonder iets van tekst voor te bereiden. Veel trainen op allerlei aspecten van de voorstelling is de sleutel. En het vraagt ook een heel intense vorm van aandacht. Je moet de gehele duur van de voorstelling 100% aandachtig zijn op alles wat er gebeurt en gezegd wordt en best geen enkel detail missen.
Marieke: We trainen echt op naar elkaar luisteren en overzicht te bewaren. Vooral dat eerste is waanzinnig belangrijk. Alleen zo kan je een verhaal samenhangend vertellen.

Welke archetypes zijn standaard aanwezig (detective, butler, verdachte, slachtoffer, etc.)?

Peter: De standaard archetypes zijn zeker aanwezig. Dat geeft zeer veel herkenning bij het publiek. Elk personage giet natuurlijk zijn eigen saus over zijn of haar personage. Omdat het geimproviseerd is, kan de invulling van het personage van voorstelling tot voorstelling volledig verschillend zijn.
Marieke: Die herkenbaarheid trekt het publiek vanaf het begin mee in het verhaal. Bovendien is het leuk om als speler sommige archetypes te vergroten of net helemaal te ontkrachten.

Op welke momenten mag het publiek input geven? Kan het publiek actief helpen bij het oplossen van de moord?

Peter: Op geregelde tijdsstippen gaat het Hector Perrot personage input vragen van het publiek, zijn assistent “Goestings”. Het publiek bepaalt mee welke richting het onderzoek uitgaat en moet tenslotte de moordenaar proberen te raden. Je ervaart altijd dat zo’n publiek heel veel gezien heeft, veel meer dan de spelers op scene. Deze details dat het publiek opmerkts zijn ook telkens een bron van input voor het vervolg van de voorstelling.

Hoe voorkomen jullie dat publieksinput het verhaal volledig ontspoort?

Peter
: Hector Perrot houdt het onderzoek stevig in handen.
Marieke: Hij stuurt het onderzoek, betrekt het publiek en treedt ook op als verteller. Als iemand de draad verliest, kijken we naar Perrot om als houvast.

Hoe kunnen jullie als spelers alles onthouden? Wat gebeurt er als personages elkaar tegenspreken?

Marieke: Foutjes kunnen zeker gebeuren en die imperfecties maken een voorstelling net levend en boeiend. Met mate, natuurlijk.
Peter: Het is heel moeilijk om alles te onthouden, maar na jaren training heb je wel een 6e zintuig om veel op te nemen van wat er op scene gezegd en gedaan wordt. Als je je toch vergist of tegenspreekt, wordt het interessant. Zeker voor deze format.

Wat waren de grootste moeilijkheden bij het ontwikkelen van dit format?

Peter: Een nieuwe format is altijd een serieus werkproces. Alles moet kloppen, zowel van structuur, opbouw, ontwikkeling, verhaal en ook het technisch kader. We werken vanuit een uitgewerkt idee en een basis-structuur van de voorstelling. Van daaruit worden repetities opgebouwd. Ook zeer belangrijk is: open staan en vooral luisteren naar de input van je spelers. Als je goed luistert, maken je spelers de voorstelling. Als maker en regisseur moet je alle “juiste” elementen die ze aangeven eruit kiezen en met de nodige lijm en in een juiste volgorde aan elkaar kleven. De nodige ervaring in het theater helpt ook wel een beetje: je weet wat werkt en minder werkt voor een publiek.
Marieke: Het is een voortdurende ‘back and forth’. Je denkt een geniaal idee te hebben, probeert het uit en komt tot de ontdekking dat het toch niet werkt. En dan stuur je bij en begin je opnieuw. Dat maakt het net leuk. Ook ‘happy accidents’ kunnen een fijne bijdrage zijn. Door snel in het repetitieproces te duiken wordt zo’n format ontwikkelen een interessant groepsgebeuren.

Wat werkt verrassend goed dat jullie niet hadden verwacht?

Peter: Het Hector Perrot personage is vrij gebaseerd op de boeken, dat in combinatie met de guitigheid van onze spelersgroep. De puzzel van de voorstelling valt stilletjes in elkaar en dingen beginnen te leven. De format werkt voor ons. We zijn benieuwd of het publiek er ook zo over denkt. The proof of the pudding is in the tasting. Ik denk dat Poirot dat ook eens zegt. (lacht)
Marieke: Alle spelers kiezen zelf een archetypisch personage en geven er elke keer een andere draai aan.

Hebben jullie er zin in?

Peter: Absoluut, al blijft het enorm spannend of het publiek het gaat smaken.
Marieke: Zeker en vast! Kom zeker kijken.

Voor wie is de voorstelling bedoeld? 

Peter: Voor iedereen, van 5 tot 99 jaar, niet?
Marieke: Maar David Attenborough is uiteraard ook nog steeds welkom. (lacht)

SPEELDATA
Vrijdag 29 mei om 20u30 en zaterdag 30 mei om 20u00 in Theaterzaal Het Klokhuis, Parochiaanstraat 4 in Anterpen.
Kaarten zijn te bestellen via onze website https://www.swaajp.be/kalender

You might also like
X